Poëzie bevrijd van het boek

Poëzie bevrijd van het boek

Er staat veel interessants in het leesbaar geschreven proefschrift Poëzie buiten het boek, De circulatie en het gebruik van poëzie dat promovenda Kila van der Starre verdedigde op 12 februari 2021. Een verdediging die online werd gevolgd door 387 mensen.

Wat was ik blij dat ik er ook bij was. De dames en heren professoren waren namelijk laaiend enthousiast over het onderzoek van Kila. En dat doet mij deugd, want haar proefschrift was één groot pleidooi voor het loslaten van de boekcentrische kijk op poëzie dat al zolang de neerlandistiek in een verstikkende houdgreep hield. Als iemand die zich voornamelijk bezighoudt met verspreiding van gedichten via internet, maakt mij dat blij.

Kila van der Starre
Kila van der Starre (foto: Joost Bataille)

Poëtisch landschap is gigantisch

In de eerste plaats toont Kila overtuigend aan, dat het poëtisch landschap veel groter is, dan wat jarenlang door de meeste academici als het ‘literaire veld’ werd beschouwd. Tientallen jaren dachten veel ‘intelligente’ mensen bij de term ‘literair veld’ aan boeken, gevestigde uitgeverijen, literaire tijdschriften en boekrecensies.

Dat werkt prima voor het literair genre roman, maar bij poëzie blijft dan het grootste deel buiten beeld van hoe mensen poëzie ervaren. Daarom kon met enige regelmaat een over het paard getilde intellectueel verklaren dat de poëzie dood was. Immers de verkoopcijfers van poëziebundels waren al weer gedaald.

Als ik weer eens zo’n flutstukje van een azijnpisser las in een gerenommeerd dagblad, dan vrat ik mijzelf op van onmacht en schreeuwde tegen de krant: Poëzie is overal! Zelf moest ik dan op zo’n moment denken aan Twitter, poëziepodia en gedichtenwebsites, maar met haar proefschrift laat Kila zien, dat ook mijn blikveld beperkt was.

Voor haar proefschrift voerde Kila een landelijke enquête uit naar de beleving van poëzie bij het Nederlandse volk. Hieruit bleek dat 96% van de mensen weleens in aanraking komt met poëzie. Hiervan is 70% positief over deze poëzie-ervaring.

Mensen komen vooral met poëzie in aanraking via Social Media, internet, televisie, bruiloften, uitvaarten, poëzieposters en in de openbare ruimte. Gedichtenbundels en literaire tijdschriften bungelen ergens onderaan op de lijst.

M.a.w.: Gedichten buiten het boek is geen bijzaak, maar het is de belangrijkste plek om poëzie te ervaren. Wetenschappelijk onderzoek zou zich daarom niet moeten beperken tot gedichten in bundels.

Kila van der Starre heeft met haar promotieonderzoek de deuren wijd opengegooid voor meer onderzoek naar het bredere poëtische landschap. Waardering van haar proefschrift door de professoren is een helder signaal dat ook het vakgebied er mentaal rijp voor is.

Nieuwe gereedschappen

Kila zelf doet al een goede voorschot. Als onderdeel van haar promotie onderzocht zij namelijk enkele domeinen waar mensen poëzie ervaren en delen (en vaak ook creëren of aanpassen):

Om deze domeinen zinvol te onderzoeken, introduceert Kila ook een aantal concepten.

Circulatie

Het belangrijkste concept is dat een gedicht circuleert. Een gedicht is niet een dood ding dat eenmalig in een bundel verschijnt en vervolgens alleen nog wordt gezien door iemand die desbetreffende bundel openslaat.

Integendeel. Veel mensen komen juist door andere kanalen met een gedicht in aanraking: poëzieposters, gedichtensites, straatpoëzie, televisie, Social Media etc.

Wie er even over nadenkt, zou zich daar ook niet over hoeven te verbazen. De beknoptheid maakt een gedicht zeer mobiel. Het verplaatst zich makkelijk van de ene naar de andere materiële drager.

In haar proefschrift geeft Kila een voorbeeld aan de hand van het gedicht Eb van Vasalis. Dit voorbeeld is uitgewerkt tot een heel verhelderende video:

Kila zegt dat een gedicht de verzameling is van alle versies die er van een gedicht bestaan. Inclusief de materiële code, want die heeft invloed op de betekenis die een lezer aan een gedicht geeft.

Materiële code

In haar proefschrift legt Kila uit wat zij onder materiële code verstaat. Om eerlijk te zijn vind ik haar uitleg hier nogal abstract, maar als ik Kila goed begrijp, dan hangt de materiële code samen met drie zaken:

  • context
  • materiële drager
  • vormgeving

Deze drie aspecten hebben invloed op hoe een lezer een gedicht leest. Het gedicht Eb van Vasalis kan weer als voorbeeld dienen. Het gedicht gaat als volgt:

EB

Ik trek mij terug en wacht.
Dit is de tijd die niet verloren gaat:
iedre minuut zet zich in toekomst om.
Ik ben een oceaan van wachten,
waterdun omhuld door ‘t ogenblik.
Zuigende eb van het gemoed,
dat de minuten trekt en dat de vloed
diep in zijn duisternis bereidt.

Er is geen tijd. Of is er niets dan tijd?

– M. Vasalis (1909 – 1998)

Voor degene die besluit dit gedicht in een rouwadvertentie te laten plaatsen, gaat het gedicht over de dood. Echter als het gedicht op de muur van een hotel vlak bij zee wordt geplaatst, dan krijgt het gedicht weer een andere betekenis.

De betekenis die een lezer aan een gedicht geeft, hangt dus af van de context, materiële drager en vormgeving. Je zou ook kunnen zeggen: De betekenis van een gedicht hangt af van het gebruik van dat gedicht.

Gebruik

In haar proefschrift ontkoppelt Kila het gebruik van poëzie van de vraag of poëzie nut heeft (of nut zou moeten hebben). De vraag naar het nut van poëzie (of het ontbreken daarvan) staat eigenlijk los van het feit dat mensen poëzie gebruiken. Het eerste is een kwestie van overtuiging (of smaak). Het tweede is een empirisch waarneembaar feit.

Je kan immers zien dat mensen gedichten op verschillende manieren gebruiken: om te genieten van de esthetische schoonheid, om een muur te versieren, om het verlies van een dierbare te verwerken, om het leven te vieren, om een pleidooi te ondersteunen in een raadsvergadering etc.

Door te kijken naar het gebruik van poëzie zet Kila de lezer centraal. Dat is een erkenning van de rol van de lezer. Kila stelt de vraag: welke betekenis geeft de lezer aan een gedicht? En daarbij kijkt zij niet zozeer naar zichzelf als geschoolde neerlandicus, maar vooral naar hoe andere mensen een gedicht lezen.

Dat lijkt heel logisch, maar tot nu bestond de neiging bij neerlandici om de veronderstelde bedoeling van de dichter voorop te stellen en iedere andere interpretatie als niet-valide te beschouwen.

Dit vertaalde zich in het regulier onderwijs naar opdrachten waarin leerlingen door middel van close-reading werd gevraagd om een gedicht uit te leggen. En het leidde in het klassieke literaire veld tot een buitensluitend uitgeefproces waarbij slechts één type poëzie dominant werd uitgegeven en gerecenseerd.

De gevolgen zijn bekend: potentiële poëzieliefhebbers werden poëziehaters bij wie alleen al de gedachte aan poëzie de rillingen over het lijf liepen. En de verkoopcijfers van poëziebundels bleven laag omdat close-reading redacteuren de waarde van andere typen poëzie niet begrepen.

Hopelijk zal ook in dit opzicht het proefschrift van Kila een verandering teweegbrengen.

Afsluitende gedachten

In het proefschrift van Kila staan nog veel meer interessante dingen. Dus ga hem vooral lezen. Laat je niet afschrikken door het aantal pagina’s, want het leest als een trein. Ik heb geen enkele academische ervaring, maar het merendeel van de tekst was zelfs voor mij goed te begrijpen.

Daarnaast heeft Kila mij geïnspireerd om ook eens bij een van mijn eigen gedichten te onderzoeken: Waar is mijn gedicht? Dat was echt een ontzettend leuke oefening. Als dichter ben ik tamelijk onbekend, maar ik ontdekte dat mijn gedicht toch door verschillende mensen op diverse manieren wordt gebruikt. En ik heb nog nooit een bundel uitgegeven!

Ten slotte een welgemeend advies aan allen die van poëzie willen leren houden: Negeer iedereen die denkt te weten wat goede en slechte poëzie is. Zij doen heel gewichtig, maar close reading heeft hen blind gemaakt voor alle andere vormen van poëzie. Lees vooral wat jou zelf aanspreekt. Dat is de beste manier om van poëzie te genieten.


Gerelateerd:


 

Robin Kerkhof is de hoofdredacteur van het online totaalconcept Poëzie verrijkt het leven. Hij heeft een passie voor poëzie en leest graag aansprekende gedichten van interessante dichters. Verder is hij huisdichter van Paradijsvogelsmagazine.nl.