Hans Plomp

Hans Plomp (Amsterdam, 29 januari 1944) is een Nederlands dichter en schrijver. Samen met collega-schrijver Gerben Hellinga was hij de drijvende kracht achter het van de slopershamer redden van Ruigoord. Hij is een bekend lid van Amsterdams Ballon Gezelschap, een artistieke groepering met internationale contacten.

Levensloop Hans Plomp

Op 29 januari 1944 werd Hans Plomp geboren in Amsterdam. Zijn vader wilde in de oorlog niet naar Duitsland en daarom dook hij onder. Tijdens zijn onderduikperiode maakt hij een meisje zwanger. De twee trouwden en het kind dat werd geboren, noemden zij Hans.

Jeugdjaren

Na de oorlog kwam het jonge gezin in een huis te wonen in de Vechtstraat in Amsterdam. Het betrof een woning waar een joodse familie was gedeporteerd en niet was teruggekeerd na de oorlog. De piepjonge Hans wist dat niet, maar naar eigen zeggen voelde hij wel het duister in het huis zitten. Hij praatte ’s nachts ook in zijn slaap.

Een geestenbezweerder legde uit, dat Hans kon praten met de geesten in het huis, de gedeporteerde joden. De geestenbezweerder heeft de stemmen doen wegvagen. Ze zijn nooit teruggekomen. Dit verhaal tekent Hans in zijn bijzondere gevoeligheid die hij als mens met zich meedraagt.

Op het lyceum ging Hans Plomp schrijven voor de schoolkrant. Hij ontdekte dat schrijven zo’n beetje het enige was, waar hij in uitblonk. Na zijn middelbare schooltijd besloot hij dan ook om Nederlands te gaan studeren.

Jaren zestig

Inmiddels waren de jaren zestig begonnen en als student in Amsterdam maakte Hans de tegenbeweging van dichtbij mee. Hij ging er ook volop in mee. Samen met anderen streed hij actief voor een betere wereld. Zo zette hij zich onder andere actief in voor de homo-emancipatie.

Ook was Hans Plomp in die jaren niet vies van geestverruimende middelen en de vrije seksuele moraal van zijn omgeving. Zowel zijn psychedelische ervaringen als gevolg van zijn drugsgebruik als zijn amoureuze escapades vormden voor hem als schrijver een belangrijke bron van inspiratie.

Eind jaren zestig trouwde Hans met Hannie. Zij kregen samen een dochter die zij Esther noemden. Echter al in 1973 overleed Hannie aan een ernstige vorm van leukemie. Hans bleef alleen achter met zijn jonge dochter.

Ruigoord

Na het overlijden van zijn vrouw ging Hans met zijn dochter in Ruigoord wonen. Samen met een aantal geestverwanten kraakte hij de huizen die waren vrijgekomen naar aanleiding van het gemeentelijke voornemen om het dorp te slopen. De gemeente wilde namelijk ruimte maken voor uitbreiding van de Amsterdamse haven.

Jarenlang hebben de krakers strijd geleverd tegen de sloop van Ruigoord. De schrijvers Hans Plomp en Gerben Hellinga speelden bij deze strijd een belangrijke rol. Het is hen uiteindelijk ook gelukt om Ruigoord te behouden.

Tegenwoordig is Ruigoord een levendig kunstenaarsdorp met een aantal ateliers en waar regelmatig artistieke evenementen plaatsvinden. Zo vindt er in Ruigoord een keer per paar jaar Vurige Tongen plaats, het oudste jaarlijkse poëziefestival van Amsterdam met veel optredens in de open lucht.

Beschermer van de tegencultuur

In de materialistische jaren 80 van de twintigste eeuw verdween bij het grote publiek grotendeels de belangstelling voor het werk van de kunstenaars uit de tegencultuur van de jaren zestig en zeventig.

De tegencultuur verdween echter nooit volledig en het vond een warme en veilig thuishaven in Ruigoord. Dichter/kunstenaar Aja Waalwijk en dichter/schrijver Hans Plomp zijn voorbeelden van twee kunstenaars en bewoners van Ruigoord die aan het behoud van de tegencultuur een belangrijke bijdrage leveren, ieder op zijn eigen manier.

Hans Plomp ziet zichzelf als lid van een beweging die probeert nieuwe zingeving achter de krankzinnige werkelijkheid te geven zonder in de valstrik te lopen van religie, dogma’s of kritiekloos volgen van een goeroe of leider.

Hans Plomp in 1987

Hans Plomp in 1987

Heden

Ondanks de moeilijkheden, oorlogen en ongelijkheid gelooft Hans nog steeds in een betere wereld. Hij ziet vooral in de jonge generatie idealen terugkomen waar hij in de jaren zestig ook voor stond.

Volgens Hans Plomp is openstaan voor andere culturen en de waarde daarvan onderkennen een ontwikkeling waar we in deze tijd allemaal naar toe groeien, ondanks verzet van bepaalde politieke groeperingen. Waar het naar toe zal gaan, weet Hans ook niet.

Hans Plomp is inmiddels de zeventig gepasseerd en volgens eigen zeggen houdt hij zich tegenwoordig vooral veel bezig met de dood. Daarbij merkt hij dat de gave om met onzichtbare werelden te communiceren, een gave die hem als peuter al toebedeeld werd, met de jaren sterker wordt. Zelf verwoordt hij dit als volgt:

“De oude wereld achterlatend, zien we de nieuwe al, ademloos staan we op de drempel van het heelal.”

Hans Plomp in 2013

Hans Plomp in 2013

Hans Plomp als schrijver

Ondanks zijn bewogen leven vol maatschappelijk activisme, amoureuze escapades en drugsgebruik is Hans Plomp altijd blijven schrijven. Zijn oeuvre is omvangrijk en hij produceert nog steeds literaire teksten. Hij schrijft gedichten, korte verhalen, essays, romans, kinderboeken en toneel.

Veelvoorkomende thema’s in het werk van Hans Plomp zijn het irrationele en opkomen voor bepaalde groepen aan de rand van de maatschappij, zoals psychiatrische patiënten, krakers, daklozen en drugsverslaafden.

Belangrijke prozawerken van Hans Plomp zijn o.a.:

  • Het Amsterdamse dodenboekje: een strooibiljet (1970),
  • In de buik van moeder Natuur (1976)
  • Een schizofreen is nooit alleen: over de grenzen van het rationalisme (1983)
  • Uit je bol (1994)

Belangrijkste dichtbundels van Hans Plomp zijn o.a.:

De laatstgenoemde bundel bevat een selectie van honderd gedichten die Hans Plomp gedurende zijn lange carrière heeft geschreven. Voor een aantal van deze gedichten heeft hij zich laten inspireren door dichters uit de wereldliteratuur zoals Arthur Rimbaud, Claire Goll en T.S.Elliot.

Gedichten van Hans Plomp

De volgende gedichten geven een aardig beeld van de poëzie van Hans Plomp:


AANMELDEN NIEUWSBRIEF


Gerelateerd: