Gedicht Charles Ducal: Na de oogst


Na de oogst

Er was een feest gaande, ik stond aan de rand.
Als ijzer op ijs begon mijn moeder te zingen.
Ik was alleen, alle andere kinderen naar bed.
Ik luisterde, verlamd

door wat uit haar opsteeg, een boze kracht
die kraste naar stoelen en banken,
zich als een mes in de tafels plantte, de duivel
wekte in iedere gast. Man en vrouw klauwden

zich vast in een dans die ik zou blijven dromen,
ik iedere man, meegesleurd in de jacht
van haar stem, en daarin bevroren.

Het was de dag van de laatste schoven,
de dag waarop alles kon, alles mocht,
en die daarom een kind was verboden.

Ik was, ik weet het niet meer, zeven of acht,
en ben dat nog.

Charles Ducal


BOEKEN VAN CHARLES DUCAL


Over het gedicht

Bovenstaande gedicht hebben wij overgenomen uit de bundel De koers van de eeuw uit 2021. Belangrijke thema’s in deze bundel van Charles Ducal zijn de beklemmende kindertijd, de dood, man-vrouwrelaties, de stand van onze maatschappij en het geloof.


AANMELDEN NIEUWSBRIEF


Gerelateerd: